Braquenié Mechelen

Uit Mechelen Mapt, het vrije naslagwerk over Mechelen
Naar navigatie springenNaar zoeken springen
English.gif A renowned 19th-20th century tapestry manufactury from Mechelen
Goswin de Stassartstraat

Manufacture Royale de Tapisseries d’Art Braquenié et Cie was de naam van een tapijtweverij die te Mechelen, samen met de concurrent De Wit Koninklijke Manufactuur van Wandtapijten in de nabije Schoutetstraat, behoorde tot de top in België. Beide firma’s hadden niet enkel de technische kennis en ervaren personeel, maar ook de nodige capaciteit voor grote opdrachten en stonden in voor de uitvoering van onder andere het merendeel van de monumentale moderne wandtapijten uit het interbellum.

Vestiging[bewerken]

De firma met weverijen Braquenié te Mechelen waren gevestigd aan de Goswin de Stassartstraat nr. 24, met inbegrip van dit tegenwoordig beschermde monument ‍'huis Perceval'‍, naar Jean de Perceval (burgemeester van Mechelen 1836 ‍–'42) en geboortehuis (1780) van de letterkundige en politicus naar wie die toenmalige Kerkhofstraat al sinds 1856 hernoemd is. In 1994 werd het pand verkocht aan notaris Schotsmans.

Geschiedenis[bewerken]

Reeds in 1842 ontstond ‍'Demy-Doineau et Braquenié, Manufacture Royale de Tapis et de Tapisseries'‍, een samenwerking van het eerstgenoemde Franse bedrijf en het Doornikse Braquenié.[1] Alexandre en Charles-Henri Braquenié bliezen in 1857 te Ingelmunster de eeuwenlange traditie van het Vlaamse wandtapijt nieuw leven in [2] en in 1858 werd het overgenomen Parijse textielverkoophuis Démy-Doinau ‍'La Maison Braquenié'‍. Dit alles was voor beide broers de aanleiding tot het opstarten van een werkhuis. Hun arbeid en producten (waaronder wandtapijten en meubelbekleding) maakten hen populair bij de Parijse beau monde. Beide broers werden tot “Commandes Officielles” benoemd door Napoleon III en mochten hun kunstwerken leveren aan zowel het Belgische koningshuis als aan de Duitse Keizer. De malacoloog Philippe Dautzenberg uit Elsene vervoegde de firma in 1867 en trad in 1872 in het huwelijk met Marie Gabrielle Braquenié.

Naast een atelier in Aubusson[3] werd er ook een bijhuis gesticht te Ingelmunster, wat een samenwerking was met de lokale graaf Charles Descantons de Montblanc ‍(de). Deze samenwerking duurde van 1857 tot 1869. Het was in 1870 dat de broers Braquenié een weefatelier openden in Mechelen, op dat ogenblik alom geroemd om zijn meubelindustrie, wat een duidelijke meerwaarde betekende voor het bedrijf.

Florentin Houzé trad als schilder-decorateur in dienst bij Braquenié Mechelen en werd algauw de eerste directeur van het Mechelse filiaal.[4] Florentin Houzé was een kunstschilder, aquarellist, decorateur en ontwerper van kartons voor tapijten uit Doornik.[5]

Kunstenaars

Veel Belgische kunstenaars en kartonontwerpers lieten hun werken weven bij Braquenié Mechelen, zoals:

  • Willem Geets
  • Jean Lurçat
  • Mary Dambièremont
  • Julien Van Vlasselaer
  • José Crunelle
  • Jean Ransy
  • Angela Melsen (Compositie met kreeften – 1964)
  • e.a.

Een groot aantal werken (en kartons) van de Mechelse historieschilder Willem Geets, die door Braquenié werden geweven, zijn nog steeds te vinden in verschillende Belgische instellingen, waaronder de rookkamer in de Belgische Senaat en het Brusselse stadhuis. Ook de zaal waar de jaarlijke algemene vergadering van aandeelhouders van de Nationale Bank van België werd gehouden bevatte een eiken lambrisering, gedecoreerd met geweven panelen. De tapijten werden, tussen 1867 en 1882, vervaardigd door het Mechelse weefatelier Braquenié

Laatste decennia

Na de Tweede Wereldoorlog was La Maison Braquenié één van de grotere huizen die capabel waren om sommige historische elementen - in de vele Franse kastelen die geleden hadden onder de Duitse bezetting - opnieuw te hertapisseren

De laatste eigenaar, Roger Gabriel Dautzenberg, leidde - op dat ogenblik - het atelier in Mechelen - samen met mevrouw Toussaint.

In december 1987 hield Braquenié Mechelen op te bestaan. De fabrieken in Frankrijk bleven nog een tijdje bestaan doch werden dan opgeslokt door een fabrikant voor interieurbekleding- en stoffen, Pierre Frey. Het bedrijfsarchief van de firma Braquenié was grotendeels overgeleverd en wordt bewaard in het "Musée Départemental de la Tapisserie" in Aubusson [6] en in de "Archives Départementales" in Guéret,[7] maar werd nog niet ontsloten.

Tentoonstellingen

In 1961 werd een grote tentoonstelling georganiseerd met als thema 'Mechelen 4 eeuwen aartsbisschoppelijke stad'. Het wandtapijt over de “Slag bij Tunis”, dat ooit toebehoorde aan Kardinaal Antoine Perrenot de Granvelle en nu in het Mechelse stadhuis hangt, werd toen gerestaureerd door Braquenié Mechelen.

In 1999 stond de deur van Huize Braquenié in de Goswin de Stassartstraat open voor het grote publiek tijdens de toenmalige Open Monumentendag.

Ook zijn er nog steeds een aantal tapijten van de firma Braquenié te bezichtigen in de Mechelse kunstkamer van Galerij CG in de Mechelse Sint-Jansstraat.

Literatuur[bewerken]

  • ”Algemeen kunstenaars handboek of Schatkamer voor alle beoefenaren van kunsten en handwerken, bevattende eene uitmuntende en talrijke verzameling van bouwkunstige versierselen, fonteinen, pronknaalden” – Jean Charles Delafosse
  • ”Gids van de tentoonstelling ‘Voortbloei der tapisserie in Frankrijk en Belgie’ - Gehouden in het Textielmuseum Tilburg van 4 juli tot 5 september 1959 - In samenwerking met de Manufactures Braquenié te Parijs, Aubusson en Mechelen” – Textielmuseum Tilburg - 1959
  • ”Manufacture Royale de Tapisseries Braquenié” in “Story Wijzer” – A.M. Notenbaert - 1984.

Externe links[bewerken]

Bronnen[bewerken]

  • (fr) Philippe, Emmanuelle. La manufacture Braquenié. Histoire des ateliers. Cité internationale de la tapisserie, Aubusson. Nagezien 2021-02-08 (oppervlakkig deels vergeleken met het onderhavige artikel).
  • Jaspers, Patrik. De heropleving van het wandtapijt (Pdf). Het wandtapijt 'De triomf van Pater Damiaan' op de internationale tentoonstelling van Parijs in 1937 – Een contextuele studie p. 107 ‍-108.
  1. (fr) Bonnot, Romain. 2 siècles d’histoire d’une grande manufacture : la Manufacture Braquenié (Pdf). Le XIXème siècle à Aubusson – La tapisserie face aux mutations de l’âge industriel p. 20 ‍–24. Cité internationale de la tapisserie, Aubusson. Nagezien 2021-02-08 (uiterst oppervlakkig deels vergeleken met het onderhavige artikel).
  2. Jaspers p. 107.
  3. Le Patrimoine industriel d’Aubusson : Histoire, architecture et mémoire sociale - La manufacture Braquenié (p. 16). Nagezien 2021-02-08: onveilige site en pagina niet (meer) beschikbaar.
  4. Nobel
  5. Belgian Sculptures - Ancient Art & Antiquities
  6. Le Musée Départemental de la Tapisserie
  7. Archives Départementales de la Creuse

Voetnoten[bewerken]