Désiré Somers

Uit Mechelen Mapt, het vrije naslagwerk over Mechelen
Naar navigatie springenNaar zoeken springen
English.gif Carillon repair in Mechelen
Beiaard in Mechelen

Désiré Somers, geboren te Mechelen op 3 oktober 1849 en overleden op 4 januari 1936,[1] was een beiaardhersteller (maar geen klokkengieter), die geregeld samenwerkte met Jef Denyn;[2] ze vormden een duo in de beiaardinrichting.[3]

Ook was Somers bevriend met de Maasstrichtse musicus Benoît Franssen, waarvoor hij de beiaard van de plaatselijke Sint-Servaaskerk herstelde.[4] (Hij verving er het pianoklavier van Eijsbouts door een stokkenklavier.[5])

Herstellingen[bewerken]

In 1892 werkten Somers en de Mechelse stadsbeiaardier Jef Denyn bij de herstelling van het mechaniek en de traktuur van het instrument dat de beiaard van de Leuvense Sint-Geertruikerk bedient, volgens nieuwe beiaardtechnische inzichten.[6]

In 1904 installeerde Somers een nieuw klavier voor de beiaard van de Antwerpse Onze-Lieve-Vrouwekathedraal.

Het gemeentehuis van Borgerhout bezit een beiaard uit 1888, waarvan de trommel en het klavier werden opgeleverd door Edward Michiels uit Mechelen. Rond 1913 kreeg Désiré Somers de opdracht om, onder leiding van Gustaaf Brees, herstellingswerken uit te voeren (verbindingen tussen toets en klepel herstellen en hamers en klepels vernieuwen). Ook in 1922 werd er nog eens op hem beroep gedaan.[7]

Het programmaboekje uit 1925 over de beiaard van de Mechelse Sint-Romboutskathedraal vermeldde Désiré Somers en zoon, waaruit men kan afleiden dat ze rond die zouden meegewerkt hebben aan een mogelijke herstelling van deze oude Mechelse beiaard of zijn aansturing.

Rond 1930 leverde Désiré Somers 35 beiaardklokken en een klavier af voor de Romaanse toren van de Sint-Jan-de-Evangelistkerk te Luik.[8]

In 1931-1932 stond hij ook in voor de constructie en het automatisch spel van de beiaard in de Sint-Salvatorskerk van Harelbeke, nadat deze door Jef Denyn en Marcel en Prosper Michiels uit Mechelen was gekeurd.[9]

De beiaard van het belfort van Diksmuide werd in 1935 tijdelijk ondergebracht in de werkhuizen van Somers voor herstel. Na de nodige werkzaamheden werd deze bespeeld en gekeurd door zowel Jef Denyn als door Staf Nees en het was Denyn die het getuigschrift van “hogere hoedanigheid” uitschrijft. Ook leverde Somers het klavier en de trommel voor deze beiaard.[10]

Samen met zijn zoon François, die in 1936 de zaak zou overnemen onder de naam Succession François Somers, restaureerde Désiré Somers gedurende de laatste jaren van zijn leven de beiaardklokken van Nicolas le Vache en van de Antwerpse klokkengieter Willem Witlockx in het paleis van Mafra, een 40-tal kilometer van Lissabon in Portugal.[11] Daarnaast deed hij nog enkele oppervlakkige herstellingswerken aan de beiaard van Roeselare.

Charles Somers[bewerken]

Charles Somers, een beiaardhersteller uit Brussel, nam in 1939 het Mechelse atelier over en de zetel verhuisde naar Brussel. Er is twijfel of er een familieband bestaat met de Mechelse familietak.

Externe links[bewerken]

Bronnen[bewerken]

Voetnoten[bewerken]